Wat is het
Een dun schildje op de voortand
Een facing (ook wel veneer) is een dun schildje dat op de voorzijde van een tand wordt bevestigd, om vorm, kleur of stand te verbeteren. Je kunt het vergelijken met een kunstnagel voor de tand: het bedekt alleen de zichtbare voorkant. Facings worden gebruikt bij verkleurde, licht beschadigde, versleten of onregelmatig staande voortanden waarbij bleken of een kleine correctie niet volstaat.
Facings zitten op het grensvlak van restauratief en esthetisch: ze herstellen vorm en functie, maar de aanleiding is vaak het uiterlijk. Daarom is een goede afweging vooraf belangrijk.
De typen
Twee manieren om een facing te maken
Composietfacing
direct, in de stoel
De tandarts bouwt de facing in één afspraak rechtstreeks op de tand op met composiet. Vaak zonder of met minimaal slijpen, dus grotendeels omkeerbaar. Doorgaans goedkoper, maar gevoeliger voor verkleuring en slijtage op termijn.
Porseleinfacing
indirect, uit het lab
Een op maat vervaardigd schildje van keramiek, in het lab of digitaal gemaakt en daarna ingelijmd. Kleurvast en sterk, met een natuurlijke glans. Vraagt meestal wél wat slijpen van glazuur en is daarmee minder omkeerbaar, en kostbaarder.
Hoe minder er van de tand wordt weggeslepen, hoe beter — gezond glazuur komt niet terug. Een zo minimaal mogelijke aanpak heeft de voorkeur; soms is een composietopbouw of bleken al voldoende, waardoor een facing niet nodig is.
De afweging
Mooi, maar niet zonder gevolgen
Een facing is een blijvende ingreep, vooral de porseleinvariant waarbij glazuur wordt weggeslepen. Dat is onomkeerbaar: de tand zal daarna altijd een facing (of iets groters) nodig hebben. Daarom weegt de tandarts mee of een minder ingrijpende oplossing hetzelfde doel kan bereiken.
Vaak passend bij hardnekkige verkleuring, kleine vormcorrecties, lichte slijtage of een net iets onregelmatige stand van de voortanden.
Minder geschikt bij zwaar knarsen (bruxisme), grote standafwijkingen (waar orthodontie beter past) of een actief cariës- of tandvleesprobleem dat eerst behandeld moet worden.
Daarna
Onderhoud en levensduur
Facings gaan bij goede verzorging jaren mee, maar zijn niet voor het leven. Ze kunnen op termijn loslaten, afbreken of verkleuren aan de randen en moeten dan worden hersteld of vervangen. Goede mondhygiëne, niet op harde dingen bijten en — bij knarsers — een beschermplaatje verlengen de levensduur.
Knars of klem je 's nachts? Bespreek dat vooraf. De kauwkrachten bij bruxisme kunnen facings beschadigen; soms is een nachtbeschermer nodig of is een facing niet de beste keuze.
Onderbouwing
Een weloverwogen keuze
Voor facings bestaat geen aparte KIMO-richtlijn. Wel geldt het bredere uitgangspunt van weefselsparend en minimaal invasief werken: onomkeerbare ingrepen voor een esthetische wens verdienen een zorgvuldige afweging en goede voorlichting vooraf.
De tandarts bespreekt de verwachtingen, de voor- en nadelen en de alternatieven — van bleken tot een composietopbouw — voordat tot facings wordt besloten. Meer over tanden bleken →
Zie ook
Verwante onderwerpen
- Tanden bleken — vaak een minder ingrijpend alternatief bij verkleuring.
- Kronen & bruggen — bij grotere schade schuift de behandeling op naar een kroon.
- Vullingen — composiet als hersteloptie voor de voortand.