Wat is het?
Wanneer een normale gist gaat overgroeien
In een gezonde mond leeft Candida albicans rustig mee als onschuldige bewoner (commensaal), in balans gehouden door het speeksel, de afweer en de overige mondflora. Pas wanneer dat evenwicht verschuift, kan de gist zich vermenigvuldigen, het slijmvlies binnendringen en een ontstekingsreactie veroorzaken — dan spreken we van candidiasis.
Orale candidiasis is dus zelden "zomaar" een infectie van buitenaf: het is meestal een teken dat er iets in de balans is veranderd. Daarom kijkt de tandarts of arts niet alleen naar de schimmel zelf, maar vooral ook naar de onderliggende oorzaak. Spruw komt veel voor bij baby's en bij ouderen, maar kan op elke leeftijd optreden.
Verschijningsvormen
De vier klinische vormen
Candidiasis ziet er niet altijd hetzelfde uit. De bekende "witte vlokjes" zijn maar één vorm; andere vormen zijn juist rood en pijnlijk.
Pseudomembraneuze candidiasis
de klassieke "spruw"
Witte, afveegbare vlokken of beslag op tong, wang en verhemelte. Eronder is het slijmvlies rood en soms wat bloederig. De bekendste vorm, vaak bij baby's en verzwakte patiënten.
Erythemateuze candidiasis
de rode, "atrofische" vorm
Rode, gladde, soms branderige plekken zonder wit beslag — bijvoorbeeld een rode tong. Wordt vaak gezien na antibioticagebruik of bij een droge mond, en is makkelijk te missen.
Prothesestomatitis
onder het kunstgebit
Een rode, scherp begrensde ontsteking van het verhemelte precies onder een (vaak boven)prothese. Hangt samen met een slecht passende of dag-en-nacht gedragen prothese en onvoldoende reiniging.
Cheilitis angularis
mondhoekkloofjes (perlèche)
Rode, kloofjesachtige ontsteking in de mondhoeken, vaak met candida én bacteriën. Wordt bevorderd door vocht dat zich in de plooien ophoopt, bijvoorbeeld bij een ingezakte beet.
Predisponerende factoren
Wat haalt het evenwicht uit balans?
Candidiasis ontstaat zelden zonder aanleiding. Eén of meer van deze factoren spelen vrijwel altijd een rol:
Antibiotica
Een kuur verstoort de bacteriële flora, waardoor candida vrij spel krijgt.
Inhalatiecorticosteroïden
Puffers (bij astma/COPD) geven lokaal candida-risico als de mond niet wordt gespoeld.
Verminderde weerstand
Bij chemo, hiv, immunosuppressiva of ernstige ziekte krijgt de gist meer kans.
Droge mond
Minder speeksel betekent minder afweer en spoeling — een belangrijke risicofactor.
Diabetes
Een (ontregelde) suikerziekte bevordert de groei van candida.
Kunstgebit
Een prothese die dag en nacht in zit of slecht wordt gereinigd, is een broedplaats.
Heel jong of oud
Baby's (nog onrijpe afweer) en ouderen (vaak meerdere factoren) zijn vatbaarder.
Roken
Roken verandert het slijmvlies en bevordert candida-kolonisatie.
Een droge mond en candidiasis gaan vaak samen: zonder de beschermende speekselfilm krijgt de gist meer ruimte. Het behandelen van de droge mond helpt dan ook om herhaling te voorkomen.
Herkennen
Klachten bij orale candidiasis
Een witte plek die je niet kunt wegvegen, is geen spruw en verdient nader onderzoek — denk aan leukoplakie. Zie mondkanker voor wanneer een aanhoudende plek beoordeeld moet worden.
Diagnostiek
Hoe wordt het vastgesteld?
De diagnose is meestal klinisch — op basis van het beeld en het verhaal. Aanvullend onderzoek is alleen bij twijfel of terugkeer nodig.
Behandeling
Oorzaak aanpakken én de gist bestrijden
De behandeling rust op twee pijlers: het wegnemen of beperken van de oorzaak, en het bestrijden van de schimmel met een antimycoticum. Een lokaal middel is bijna altijd de eerste keuze; systemische behandeling blijft voorbehouden aan specifieke situaties.
Predisponerende factor aanpakken
Eerste stapSpoel de mond na het gebruik van een puffer, behandel een droge mond, regel diabetes goed in, en verbeter de prothesehygiëne. Zonder dit komt de infectie vaak terug.
Lokaal antimycoticum
Eerste keuzeEen lokaal werkend middel (zoals miconazol orale gel of nystatine suspensie) wordt zo lang mogelijk in de mond gehouden en daarna doorgeslikt. Belangrijk: doorbehandelen tot circa een week ná het verdwijnen van de klachten, om terugkeer te voorkomen.
Prothesemaatregelen
Bij prothesestomatitisDe prothese 's nachts uitlaten, dagelijks goed reinigen en zo nodig ontsmetten; de prothese kan namelijk als reservoir voor de gist werken. Soms is een pasvormcorrectie of nieuwe prothese nodig.
Systemisch antimycoticum
Op indicatieBij (ernstig) verminderde weerstand of uitgebreide/hardnekkige infecties kan een arts een systemisch middel zoals fluconazol voorschrijven. Bij herhaalde recidieven soms een onderhoudsbehandeling.
Belangrijke wisselwerking — miconazol en bloedverdunners. Ook al wordt miconazol orale gel "alleen in de mond" gebruikt, het kan de werking van bepaalde antistollingsmiddelen (de cumarines acenocoumarol en fenprocoumon, van de trombosedienst) sterk versterken en zo het bloedingsrisico verhogen. Bij gebruik van deze bloedverdunners is miconazol gecontra-indiceerd en kiest men een alternatief, zoals nystatine. Meld bloedverdunners daarom altijd aan je tandarts, arts en apotheker.
Zelf doen
Wat je zelf kunt doen
Richtlijnen
Candidiasis volgens de richtlijnen
Voor de behandeling van orale candidiasis heeft een lokaal werkend antimycoticum de voorkeur; pas bij (ernstig) verminderde weerstand of hardnekkige infecties komt een systemisch middel (fluconazol) in beeld. Lokale middelen worden doorgebruikt tot ongeveer een week nadat de zichtbare afwijkingen zijn verdwenen. Dit volgt uit de Nederlandse farmacotherapeutische kaders (Farmacotherapeutisch Kompas, NHG).
Verstandig medicijngebruik staat centraal. De KIMO-richtlijn Indicatiestelling antibioticumgebruik in de mondzorg en het bredere antimicrobial stewardship benadrukken dat antimycotica gericht en niet onnodig worden ingezet, en dat de onderliggende oorzaak wordt aangepakt. Cruciaal voor de patiëntveiligheid is de bekende interactie van miconazol met cumarine-antistolling.
De rode draad: behandel de oorzaak, kies lokaal vóór systemisch, en wees alert op interacties en op afwijkingen die géén candidiasis zijn. Meer over KIMO →
Zie ook
Verwante onderwerpen
- Hyposalivatie & Xerostomie — een droge mond is een belangrijke risicofactor voor candidiasis.
- Stomatitis — de bredere groep mondslijmvliesontstekingen; candidiasis is er een infectieuze vorm van.
- Mondkanker — bij een witte plek die níét wegveegt is breder onderzoek nodig.
- Cariës — dezelfde risicofactoren (droge mond, suiker) spelen ook bij gaatjes.