Tandvlees & steunweefsel

Parodontale screening

Bij parodontale screening meet de tandarts of mondhygiënist met een dun sondje de ruimte tussen tand en tandvlees. Zo wordt vroeg opgespoord of er sprake is van gezond tandvlees, gingivitis of parodontitis. De huidige methode heet PPS; de oudere DPSI kennen veel mensen nog.

PPSHuidige methode (sinds 2020)
1–3Score per kwadrant
mmPocketdiepte als maat

Wat is het

De conditie van je tandvlees meten

Parodontale screening is een korte, systematische controle van de gezondheid van je tandvlees en steunweefsel. Met een dun meetstaafje (pocketsonde) meet de tandarts of mondhygiënist de ruimte tussen tand en tandvlees — de pocket — en kijkt of het tandvlees bloedt. Zo wordt vroeg opgespoord of er sprake is van gezond tandvlees, gingivitis of (beginnende) parodontitis.

De screening is geen diagnose op zich, maar een wegwijzer: ze geeft aan of nader onderzoek of behandeling nodig is. Zo worden zowel onderbehandeling als onnodige behandeling voorkomen.

De huidige methode

PPS: Periodiek Parodontaal Screenen

Sinds 2020 gebruikt de Nederlandse richtlijn de PPS (Periodiek Parodontaal Screenen). Het gebit wordt in vier delen (kwadranten) verdeeld en elk deel krijgt een score van 1 tot 3, op basis van de diepste pocket die wordt gemeten.

Score 1
Geen verdiepte pockets. Het tandvlees kan wel oppervlakkig ontstoken zijn (bloeding), maar er is geen steunweefselverlies.

Score 2
Pockets van 4 tot 5 mm. Aanleiding voor gerichte reiniging en nauwkeuriger onderzoek.

Score 3
Pockets van 6 mm of dieper. Wijst op parodontitis; uitgebreider onderzoek en behandeling volgen.

PPS is bewust eenvoudig gehouden: het is bedoeld om een vervolgstap aan te wijzen, niet om meteen een precieze diagnose te stellen. Bij een verhoogde score volgt een uitgebreider parodontaal onderzoek voordat er behandeld wordt.

Wat je misschien nog kent

En de DPSI dan?

Veel mensen kennen nog de DPSI (Dutch Periodontal Screening Index), het oudere systeem dat het gebit in zes delen verdeelde met scores van 0 tot 4 (waaronder 3− en 3+). Sinds de richtlijn van 2020 is de DPSI in het paroprotocol vervangen door de eenvoudiger PPS. Je kunt de oude scores globaal zo vertalen:

DPSI 0–2

Gezond of gingivitis, eventueel met tandsteen — vergelijkbaar met de lichtere PPS-uitkomst.

DPSI 3− / 3+

Beginnende parodontitis met botafbraak; de "+" stond voor terugtrekkend tandvlees.

DPSI 4

Diepe pockets en gevorderde parodontitis — de ernstigste categorie.

Waarom belangrijk

Vroeg meten, op tijd ingrijpen

Parodontitis verloopt vaak sluipend en pijnloos. Een korte screening bij de controle vangt problemen vroeg op, wanneer ze nog goed te behandelen zijn. De uitkomst bepaalt mede hoe vaak je terugkomt en of een uitgebreider onderzoek nodig is.

Een screeningscore is een momentopname en een wegwijzer, geen eindoordeel. Pas na uitgebreider parodontaal onderzoek — met metingen rond elke tand en soms röntgenfoto's — staat de diagnose en het behandelplan vast.

Onderbouwing

De richtlijn Parodontologie

NVvP

De richtlijn 'Parodontale Screening, Diagnostiek en Behandeling in de Algemene Praktijk' (NVvP, sinds 2020) verving de DPSI door de PPS. De PPS is nadrukkelijk een screeningsinstrument om vervolgstappen aan te geven, niet om direct een diagnose te stellen — juist om over- en onderbehandeling te voorkomen.

De screening en het vastleggen ervan zijn een vast onderdeel van goede parodontale zorg in de algemene praktijk. Meer over de richtlijnen →

Zie ook

Verwante onderwerpen

Let op: Deze pagina is uitsluitend bedoeld voor educatieve doeleinden en vervangt geen persoonlijk advies. Een screeningscore is een wegwijzer; je tandarts of mondhygiënist stelt de diagnose en het behandelplan vast na nader onderzoek.
Gebaseerd op de richtlijn Parodontale Screening, Diagnostiek en Behandeling in de Algemene Praktijk (NVvP, sinds 2020), waarin de PPS de DPSI verving.